Onderzoek voeren volstaat niet om academisch onderzoeker te heten

curationrotation

“Jihadonderzoeker zelf verdachte in terreurzaak” (11.01.2016, Elsevier). “Jihadonderzoeker vrij onder voorwaarden” (11.01.2016, De Standaaard). Achter woorden schuilt vaak een web van culturele connotaties. Neen, ik heb het voor een keer niet over ‘Jihad’. Ik heb het over ‘onderzoeker’. Wat maakt een onderzoeker precies een onderzoeker? Spoiler: het antwoord is niet: onderzoek voeren.

Er is niets mis met de wil om te wegen op het publieke debat. Om te wegen moet je natuurlijk wel eerst opvallen. Iemand moet jou aan het woord laten. En die iemand moet een goede reden hebben om jou de microfoon te geven. Geloofwaardigheid, op basis van expertise, kan daarbij zo’n reden zijn. In dat geval helpt het als je jezelf onderzoeker kan noemen. De titel ‘onderzoeker’ baadt in een aura van geloofwaardigheid, ja, zelfs academische geloofwaardigheid. Maar is dat wel terecht?

Iedereen onderzoeker

Eerst en vooral: niet elke onderzoeker is een academische onderzoeker. Dat lijkt voor de hand te liggen, als we denken aan onderzoekers in commerciële organisaties in bijvoorbeeld de farmaceutische wereld of de IT-sector. Evengoed kan een onderzoeker tewerkgesteld zijn in een (semi-)gouvernementele organisatie zoals de VDAB of in een NGO als Artsen zonder Grenzen.

Dit zijn evenwel geen academische onderzoekers, zelfs al zou hun onderzoeksmethode academisch verantwoord zijn. Hun werkgever is simpelweg geen academische instelling. Dat wil allerminst zeggen dat hun onderzoek zonder kwaliteit is. Zowel in een commerciële als in een (non-)gouvernementele setting moet onderzoek leiden tot betrouwbare inzichten en toepassingen. Wel moeten we ons ervan bewust zijn dat die werkgever niet (alleen) kennisvermeerdering voor ogen heeft. Een gezonde dosis alertheid kan geen kwaad.

Bovendien is ‘onderzoeker’ geen beschermde titel. Dat is ‘kenniscentrum’ overigens ook niet. Niemand houdt mij tegen om morgen een ‘Kenniscentrum voor Mediawijsheid’ op te richten. Het klinkt lekker betrouwbaar, maar het betekent niets. In dat nagelnieuwe kenniscentrum kan ik mezelf dan omdopen tot ‘head senior researcher’, maar meer dan een mooi naamkaartje zou dat ook niet zijn.

Relationeel

Maar zelfs als we dan een onderzoeker hebben gevonden aan een bonafide universiteit, kunnen we volgens mij nog lang niet altijd spreken van een academisch onderzoeker. Academisch onderzoek omvat namelijk meer dan alleen de onderzoeksdaad zelf. Een onderzoeker wordt pas academisch, wanneer hij of zij actief de confrontatie aangaat met de academische gemeenschap. En vaak is dat ook echt een confrontatie. ‘Peer review’ is daarbij niet de enige (en verre van een onfeilbare) indicator, maar het is wel een belangrijke. Onderzoek kan nooit uit zichzelf academisch zijn, maar krijgt dat label, wanneer het deel uitmaakt van een kennisnetwerk. In die zin is ‘academisch’ een relationele kwaliteit. Niet meer, maar ook niet minder. We moeten ons daarbij bewust zijn van de beperkingen zoals het gevaar voor conformisme of onwenselijke machtsverhoudingen, maar evenmin mogen we de waarde uit het oog verliezen van zo’n relationele kwalificatie.

Nog kritischer moeten we evenwel zijn bij academische onderzoekers die die confrontatie (nog) niet eens zijn aangegaan. Wie kan ons, leken, dan immers geruststellen dat het onderzoek betrouwbaar is? Wie anders dan de onderzoeker zelf? Doodeenvoudig: niemand.

Bovendien moet die relatie met de academische gemeenschap actief en actueel zijn. Zelf heb ik onderzoek gevoerd naar journalistieke competenties. En ik ben niet te verlegen om te stellen dat ik via een aantal peer-reviewed publicaties en dito academische congressen de confrontatie met de academische gemeenschap succesvol heb doorstaan. Maar dat is ondertussen alweer zes jaar geleden. In tussentijd heb ik geen onderzoek meer gevoerd en heb ik geen formele academische contacten onderhouden. Ben ik dan nu nog een academisch onderzoeker? Lijkt me niet.

De ene -oloog is de andere niet

Tot slot is er ook nog de diplomatitel en dat ligt nu net iets moeilijker. In mijn discipline is het relatief helder. Ik ben houder van een masterdiploma in de communicatiewetenschappen. Dat dat mij geen communicatie-‘wetenschapper’ maakt, is nogal wiedes. Ik zeg onze studiekiezers steevast dat wij hen opleiden tot academisch communicatie-expert en dat volstaat. Ja, wij brengen onze studenten onderzoeksvaardigheden bij en die gaan ze later nodig hebben, zelfs wanneer ze geen onderzoeker worden in welke zin van het woord ook. Maar een academisch onderzoeker of wetenschapper ben je volgens mij pas, als je onderzoek voert en actief contact opzoekt met de academische gemeenschap.

Bij diploma’s die -ologen opleiden, ligt het wat moeilijker. Met een masterdiploma op zak in de psychologische wetenschappen of biologie ben je in de volksmond een psycholoog of bioloog, maar toch vooral in termen van een ambacht of type beroepsactiviteit. Beide opleidingen omvatten, net als bij communicatiewetenschappen, een stevige leerlijn in onderzoek, maar het louter bezitten van een masterdiploma maakt je geen -oloog in de betekenis van wetenschapper of academisch onderzoeker.

Wel nu…

Dit was de inleiding. Sorry daarvoor, (ex-)academici hebben de neiging om een stevige aanloop te nemen, voordat ze tot hun punt komen. Mijn punt ligt bij Montasser Alde’emeh, niet bij zijn inhoudelijke verhaal – dat ken ik namelijk niet -, wel bij de manier waarop hij zich positioneert in het publieke debat. Op zijn LinkedIn-pagina, zijn website en in zijn recentste boek ‘De Jihadkaravaan’ stelt Alde’emeh zichzelf voor als islamoloog, onderzoeker aan de Radboud Universiteit Nijmegen (en voorheen Universiteit Antwerpen) en stichter van het kenniscentrum ‘De weg naar’, alwaar hij ook onderzoeker is.

Wel nu, is Alde’emeh islamoloog? Met twee relevante masterdiploma’s (waarvan één met grote onderscheiding behaald) en één aanvullende studie op zak mag je jezelf naar mijn smaak wel degelijk positioneren. Misschien niet als onderzoeker, maar toch wel als kenner of expert.

Is Alde’emeh een academisch onderzoeker? Hij is doctorandus. Dat hij dat op eigen middelen doet, doet er niet toe. Het is dan ook een zwaktebod van de Radboud Universiteit Nijmegen om zich met de term ‘buitenpromovendus‘ langs de neus weg te distantiëren van Alde’emeh. Relevant is wel dat hij geen enkele academische publicatie op zijn naam heeft staan. Ook relevant is dat zijn voormalige promotor aan de Universiteit Antwerpen stelt dat hij ‘er niet toe kwam te gaan zitten en schrijven’ (12.01.2016, De Standaard). Zijn academisch onderzoek heeft, zo lijkt het althans, nog nooit de toets van de academische gemeenschap doorstaan. Ook dan is een gezonde portie alertheid geen overbodige luxe.

Is hij dan een onderzoeker, als we het label ‘academisch’ laten wegvallen? Ja. Althans, in die zin dat hij zichzelf onderzoeker noemt in een organisatie die hij een kenniscentrum noemt. Alleen betekent het woord ‘onderzoeker’ in die zin niet gek veel.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s