Tot 7 maal onzin dankzij de DS/VRT-peiling

peilingOpiniepeilsnel. Gisteren was het DS-journalist Wim Winckelmans die ons mocht vertellen wat we uit de laatste meting moeten onthouden.  En hij gaat hard. O jee, hoe hard die man gaat! Een paar bedenkingen. Lees je mee, Wim?

1. Open deur: betrouwbaarheidsintervallen?

Neen? Geen betrouwbaarheidsintervallen? Niet belangrijk? Misschien kunnen we inderdaad zo wel vaststellen dat N-VA nog steeds tête de la course is, maar om het peloton van traditionele partijen scherp te stellen lijkt me dat wel interessant. Ach, maak je geen zorgen, Wim. Vlaggenschip VRT beperkt zich ook tot een summiere omschrijving van de steekproef. Nochtans hebben jullie in het verleden wel al die betrouwbaarheidsintervallen vermeld. Vind ik die informatie misschien terug in een betalende editie van jullie huismerk? Daar zou nog enigszins iets voor te zeggen zijn.

2. Intervallen vergelijken, niet voor noobs

Wat er ook van zij, ik heb een vermoeden dat je zelf ook schijt hebt aan die vervelende betrouwbaarheidsintervallen. Al wil ik je toch behoeden voor zotte fratsen zoals die van gisteren. Dat je de peiling van gisteren als ‘intervalloze’ data beschouwt, is één ding. Maar je lijkt te vergeten dat het meest dramatische referentiepunt mogelijk, namelijk de opiniepeiling van september 2012, óók uit intervallen bestaat en geen exacte metingen. Als je dus in de kop van het bericht roept dat N-VA een tik krijgt en in de platte tekst expliciteert dat het om 4 procent verlies gaat, dan zal de overlap van beide betrouwbaarheidsintervallen dat hypothetische verlies sowieso kleiner maken dan 4 procent, als het verlies al niet volledig verdwijnt. Dat weten we niet op basis van het hypothetische verschil tussen twee hypothetische intervallen. Hypothetisch dan, hè.

3. Intervallen vergelijken, echt niet voor noobs

Al het bovenstaande is uiteraard ook extra toepasbaar op je analyses van de andere partijscores, wiens variaties al helemaal verdwijnen als we rekening houden met ‘that we do not speak of’. “Wat je niet ziet, bestaat niet” was altijd mijn favoriete Kinderen-voor-Kinderen-lied. Het jouwe ook, Wim?

4. Verkiezingen of peilingen van 2012?

Trouwens, je hebt het in het ganse bericht nooit, ik herhaal like a dramaqueen: NOOOOOOOOOOOOOIT, over de opiniepeiling van september 2012. Neen, het gaat altijd over de ver-kie-zing-en van 2012. Vergelijken met verkiezingen klinkt natuurlijk iets beter dan vergelijken met zo’n slappe opiniepeiling,… zoals die van gisteren, hè. ’t Is een kleintje, Wim, maar wel een geniepige. Ik geef het maar mee.

5. Ge moogt naar huis gaan, Bart, dag dag zwaai zwaai

Zelfs als we het bovenstaande buiten beschouwing laten, is je verdict voor N-VA een beetje… nonsensicaal, mag ik dat zeggen? Ik lees woorden als ‘tik’, ‘prijsgeven’, ‘inleveren’. The sky was the limit voor N-VA, maar nu niet meer: ”Aan die zegetocht komt nu een einde.” Goh ja, 32% is inderdaad een teken aan de wand en de concurrentie ademt met 17% inderdaad in de nek van N-VA. Straffe adem hebben die tsjeven!

Pas op: misschien is dit inderdaad het kantelpunt voor de Vlaams-nationalisten. Maar liefste Wim, daar kunnen we nu toch in de verste verte nog niet op gokken? Dat kan alleen de geschiedenis uitwijzen. Of hoop je dat de historici van morgen zullen zeggen: “er was één moedige DS-journalist die het toen al zag.” Ik vermoed dan ook dat de laatste zin van de vierde alinea (dat van de baken van de Vlaamse politiek) werd toegevoegd door één van je collega’s.

6. Dat verklaren wat niet is

In de journalistiek staat de piramide omgekeerd, maar hier in de ghetto’s van de blogosfeer durven we al eens te eindigen met een grote finale. Zoals vandaag.

Dus, jij ziet een verlies van vier procent bij N-VA. Alsof dat nog niet hilarisch genoeg was, ga je meteen voor goud en plak je doodleuk een verklaring op die bevinding. Want ah ja, inderdaad, Bart De Wever was minder in de media te zien. Fotootje van BDW, onderschrift, klaar! Dat de peiling tijdens de Sinksenfoorheisa werd afgenomen zal ook wel een effect hebben. Toegegeven, zoeken naar verklaringen is een beetje ‘the name of the game’ en journalistiek is ook geen wetenschap. Maar het zou al helpen dat men het betere nattevingerwerk in causaliteit voorbehoudt voor wezenlijke data en situaties in plaats hypothetische non-data die opiniepeilingen telkens weer leveren. Want, beste Wim, hoe aannemelijk je verklaring ook is, de kans is groot dat er überhaupt niets was om te verklaren. En dat is toch een klein beetje belachelijk, niet?

7. Trots

Maar goed, de peiling is uitgevoerd, het nieuwsbericht is klaar. Het enige wat moest gebeuren was een beperkt meetinstrument inzetten voor een doel dat maar met moeite journalistiek relevant genoemd kan worden, de cijfers vervolgens mismeesteren via een (achterlijk is een gemeen woord) simplistische analyse en die analyse vervolgens inpassen in een interpretatie naar keuze. En dat gebeurt nu al tien jaar zo. Elke keer dezelfde methodologie. Jaar na jaar dezelfde dwaling. En trots dat men is.

Crisiscommunicatie een buikgevoel? Grote kans op buikkrampen

20nmbs“Als ik die prof. Vansummeren ooit tegenkom, wring ik zijn nek om!”

Zo moet het ongeveer geklonken hebben in het kantoor van prof. Van Gorp bij de evaluatie van ‘het’ rollenspel. Elk jaar worden groepjes masterstudenten communicatie ondergedompeld in een tweedaagse crisis waarin zij instaan voor alle interne en externe communicatie van KU Leuven. Het is een zenuwslopende oefening, zowel voor de studenten die koortsachtig aan de telefoon hangen met diverse contacten, als voor de assistenten die twee dagen moeten uittrekken voor de vertolking van een al dan niet benijdenswaardige rol in de crisis. Dat jaar was ik het onberekenbare element in de rekensom: prof. Vansummeren. Ik ben prof. Van Gorp nog steeds dankbaar dat hij de overspannen student in kwestie niet heeft doorverwezen naar mijn kantoor, vlak naast het zijne.
Lees verder

Kent de studiekiezer het verhaal van de journalistieke opleiding?

stelZoals elk jaar onze studiekiezers bedolven worden onder een vrachtwagen infobrochures, zo loopt er elk jaar weer iemand te roepen dat er te veel opleidingen journalistiek zijn. Elke keer wordt hetzelfde gevecht uitgevochten en wordt er met dezelfde argumenten en verwijten geschermd.

Lees verder

Dans, roept De Gelder. En de journalist danst

45kwaliteit(Mediakritiek is maar zinvol als ze sereen en specifiek verloopt. Vandaag is me dat niet gelukt.)

Beste journalist,

Doe zo voort. Goed bezig. Geef die man een platform. Hij verdient het. Als hij iets zegt, tweet het! Als hij niets zegt, tweet het! Als hij aan zijn gat krabt, tweet het! Het volk heeft het recht om te weten dat hij nu enkel nog een snor heeft. Als hij gaat zitten, dan is het uw taak, beste journalist, om daar melding van te maken. Lees verder

Word jij de choco tussen mij en mijn nieuwe werkgever?

DSC_0017Beste lezer, ik ga de pointe van onderstaand verhaaltje meteen verklappen. Ik ben sinds kort werkzoekend. Een blog tovert geen choco op de boterhammen, maar het kan wel helpen in de zoektocht naar een werkgever die de boterhammen wil bekostigen. Word jij de choco tussen mij en mijn nieuwe werkgever? Lees verder

Rechters, sta ons toe om slechte opinies te schrijven

28minderheidHebben opiniemakers het recht om een slechte opiniebijdrage te schrijven? Het antwoord lijkt mij evident, maar sinds de veroordeling van Yves Desmet laat de vraag mij als blogger niet los.

Kwaliteitscontrole

De rechter liet er in zijn uitspraak geen twijfel over bestaan: Desmet werd veroordeeld omwille van de toegepaste methodologie die, althans volgens de rechter, ontoereikend was om het vertolkte standpunt te staven. Ik vind dat, nu nog steeds, een bijzonder huiverachtige uitspraak. De rechter werpt zich op als kwaliteitscontrole voor goede journalistiek en opinie. Een opiniebijdrage zou vanaf nu op meer moeten steunen dan secundaire berichtgeving. Nochtans steunt een groot deel van de blogosfeer op reflectie en kritiek over ‘secundaire’ berichtgeving zonder zelf aan primaire nieuwsgaring te doen. Daarom ben ik ook een trotse blogger, maar meet ik mijzelf niet het label van journalist aan. Lees verder

Dit is waarom Frederik De Swaef blijft triomferen in het debat over de boekskes

DeSwaefFrederik De Swaef is een jonge, bleke, ietwat magere verschijning die zijn hemden nog steeds op de groei lijkt te kopen. Is het misschien daarom dat journalisten zich keer op keer vergissen in de huidige hoofdredacteur van Story, wanneer ze hem op een debatje boekskesbashen, zoals nu in Reyers Laat, hopen vast te praten? Vergis u niet, wanneer deze jonge snaak zijn mond opendoet, hoort u de leer van zijn voorganger Thomas Siffer.  Deze man vernauwde het boekskesdebat al tot een methodologische kwestie, lang voordat De Swaef zijn diploma Politieke Wetenschappen mocht gaan afhalen in Leuven. En zolang de uitdagers het geweer niet van schouder wisselen, of op zijn minst wat scherper leren schieten, zal De Swaef blijven triomferen. Lees verder