Bedelaars, afwas en Cruella De Vil: Zo brengt de pers armoede in beeld

Vijftien procent Belgen leefde in 2011 in armoede, lazen we vrijdag op de websites van De Standaard, Het Nieuwsblad, De Morgen, Het Laatste Nieuws, Metro en De Redactie (een dag eerder berichtte Het Belang van de Gazet ook over armoede in België). De zes nieuwsberichten onderscheidden zich vooral in de keuze van obligate stockfoto. De Mediahuisredacteurs kozen voor onderstaande foto’s.

armoede1

Goed, deze personen zien er arm uit (behalve misschien Cruella De Vil in de foto rechtsboven). Het Belga-bericht gaat echter niet over deze ondergrens van marginaliteit. Het gaat over vijftien procent van de Belgische bevolking. Vijftien. Eén op acht (ongeveer). Het gaat over ouderen en eenoudergezinnen die niet rondkomen met één inkomen. Ze overleven wel, maar er is geen ruimte voor ‘beleving’ en ontsnappen aan de armoedeval is moeilijk. Het gaat over kinderarmoede, hetgeen verder gaat dan bedelen.

De Persgroep en De Redactie pakken het anders aan en bieden een blik achter de gevels.

armoede2

De Redactie (onder) pakt naar mijn aanvoelen nog steeds uit met een stereotype van marginale armoede. Mijn voorkeur gaat uit naar de keuze van de Persgroep (boven). Deze foto kan je pas ten gronde aan armoede koppelen, wanneer je de tekst leest. Op zichzelf is de foto weinigzeggend en zelfs inzetbaar in verschillende contexten. In combinatie met de tekst zet de foto een toon die meer aansluit bij de inhoud van het persbericht. Ze illustreert de druk van het leven in armoede zonder te vervallen in expliciet marginale cues.

Is dit nu zo belangrijk? Ik durf toch pleiten van wel. Telkens een journalist op papier, online of tv over armoede bericht, komt de bedelaar vaak in beeld. Een vluchtige lezer – te kennen: een lezer die niet leest – blijft achter met de koppeling tussen armoede en marginaliteit, inclusief stereotiepe connotaties en beperkende definities. Haal de dakloze bedelaar gerust uit de kast wanneer het over dakloze bedelaars gaat. Maar laat ze niet één op acht Belgen vertegenwoordigen. Neen, zelfs niet louter ter illustratie. Daarvoor is de problematiek te breed.

OMG WTF! Het taaltje van Newsmonkey is te hip voor mij

Toen ik een tiener was, wou mijn grootmoeder tweemaal inbreken in mijn leefwereld via taal. Eén keer schreef ze mij een verjaardagskaart in het Engels – Maarten werd plots Matthew – en een andere keer schreef ze in een fotoalbum dat ik de reis naar Frankrijk ‘kei’ vond. Wat verschrikkelijk lief van haar om zo aansluiting met mij te zoeken, maar eigenlijk was ik al heel blij met mijn ouderwetse grootmoeder die haar kleinzoon graag zag, hem elke week grootmoeders kost serveerde en die werkelijk boeiende verhalen vertelde over oorlog en welvaartsgroei. Dat was al ‘kei’ genoeg.

In welke leefwereld probeert Newsmonkey eigenlijk in te breken? Lees verder

Wanneer is in het nieuws een burgemeester lid van zijn partij en wanneer niet?

Ik had me eigenlijk voorgenomen om te stoppen met deze blog. Om niet telkenmale te vervallen in een aanklacht tegen futiliteiten.

Voor deze futiliteit maak ik dan toch een uitzondering. Ze viel me al eerder op en ditmaal kan ik mijn punt maken met nog geen minuut televisie. Nu ja, punt… Ik houd het kort en gooi mijn vraag meteen in de groep: Wanneer is een burgemeester of schepen lid van zijn partij en wanneer niet?

schepen1 Lees verder

Frank Bomans is dierenrechtenactivist. Acteurs in talkshows

ImageHet is oneerlijk; ik weet het. Acteurs hebben ook recht op hun massamediaal verspreide mening. Maar telkens een acteur wordt uitgenodigd om zijn persoonlijke visie over een maatschappelijk thema toe te lichten, houd ik mijn adem in. Dan weet ik dat het mis kan lopen. Dan vrees ik dat ze plots niet meer zo spitsvondig uit de hoek zullen komen. Dan vrees ik voor niet geregisseerde woordenbrij. Acteurs zijn geen schrijvers. Lees verder

Waarom jij deze blog over Europa niet zal lezen

euVandaag zei Thomas Siffer in de Zevende Dag iets interessants over Europese berichtgeving. Dat jij als lezer nu al denkt “Snurk!”, is deel van het probleem.

Ja, we weten het ondertussen wel. Het Europese beleidsniveau is belangrijk. Wanneer Karel De Gucht een handelsakkoord onderhandelt met de Verenigde Staten, kan dat ons extra jobs opleveren. Wanneer de Vlaamse regering het fileprobleem wil oplossen, lopen ze naar eigen zeggen vertraging op door Europese procedures. We weten niet precies hoe, maar Europa heeft een steeds grotere invloed op ons leven. Soms kan die ongrijpbare kracht intimiderend zijn. Soms zelfs beangstigend. Vaak wordt er dan gepleit voor meer, veel meer nieuws over dat Europese beleidsniveau.

Maar dat is maar een deel van het probleem. Dat is het makkelijke deel. Lees verder

Voorbode van een heet online nieuwsklimaat: het fair use charter

DSC_0003Drukkend warm en akelig windstil. Niet alleen ons Belgisch weer maakt zich op voor een flink onweer; ook online nieuwsland lijkt de adem in te houden voor een digitale storm. De barometer liegt niet: het gewaagde DS Avond, de nakende Media-ID en de kersverse ‘fair use charter’ wijzen allemaal op verandering. Online nieuws moet op één of andere manier (meer) gaan renderen. ‘Drukkend’ is in die zin een ongelukkige woordkeuze. Lees verder

Tot 7 maal onzin dankzij de DS/VRT-peiling

peilingOpiniepeilsnel. Gisteren was het DS-journalist Wim Winckelmans die ons mocht vertellen wat we uit de laatste meting moeten onthouden.  En hij gaat hard. O jee, hoe hard die man gaat! Een paar bedenkingen. Lees je mee, Wim?

1. Open deur: betrouwbaarheidsintervallen?

Neen? Geen betrouwbaarheidsintervallen? Niet belangrijk? Misschien kunnen we inderdaad zo wel vaststellen dat N-VA nog steeds tête de la course is, maar om het peloton van traditionele partijen scherp te stellen lijkt me dat wel interessant. Ach, maak je geen zorgen, Wim. Vlaggenschip VRT beperkt zich ook tot een summiere omschrijving van de steekproef. Nochtans hebben jullie in het verleden wel al die betrouwbaarheidsintervallen vermeld. Vind ik die informatie misschien terug in een betalende editie van jullie huismerk? Daar zou nog enigszins iets voor te zeggen zijn. Lees verder

Crisiscommunicatie een buikgevoel? Grote kans op buikkrampen

20nmbs“Als ik die prof. Vansummeren ooit tegenkom, wring ik zijn nek om!”

Zo moet het ongeveer geklonken hebben in het kantoor van prof. Van Gorp bij de evaluatie van ‘het’ rollenspel. Elk jaar worden groepjes masterstudenten communicatie ondergedompeld in een tweedaagse crisis waarin zij instaan voor alle interne en externe communicatie van KU Leuven. Het is een zenuwslopende oefening, zowel voor de studenten die koortsachtig aan de telefoon hangen met diverse contacten, als voor de assistenten die twee dagen moeten uittrekken voor de vertolking van een al dan niet benijdenswaardige rol in de crisis. Dat jaar was ik het onberekenbare element in de rekensom: prof. Vansummeren. Ik ben prof. Van Gorp nog steeds dankbaar dat hij de overspannen student in kwestie niet heeft doorverwezen naar mijn kantoor, vlak naast het zijne.
Lees verder